Train je om te trainen? Train dan niet.

Hoe kan het zijn dat je bij twee inhoudelijk identieke trainingen de ene keer al stuiterend van energie huiswaarts keert en niet kunt wachten om het geleerde de volgende dag toe te passen, terwijl je bij de andere training gapend naar huis tuft en niet kunt wachten om je sloffen aan te trekken en in hanghouding zappend tv te gaan kijken?

Het scenario van een geslaagde versus een geflopte training is grotendeels identiek: je gaat ergens heen, een trainer serveert je informatie, tips en handvatten en meestal krijg je ook de kans om al eens wat praktijksituaties te oefenen. Daar ligt het dus niet persé aan.

Experiment
Laten we er bij wijze van experiment eens vanuit gaan dat de informatie die je krijgt in alle scenario’s hetzelfde is en nader inzoomen op wat er nog meer meespeelt. Je komt ’s ochtends bij de trainingslocatie aan. Scenario 1: Leuk, want het is een mooie locatie in een prachtige omgeving. Of 2: balen, weer zo’n saaie vergaderlocatie langs de snelweg.

Nog zonder dat de training is begonnen, is de toon dus stiekem al gezet. Vervolgens kom je de trainer tegen. 1. Leuk persoon, aardig, open en meteen een goede klik. Of 2: Poeh, wat een stijve hark. De training start en de trainer begint met het delen van informatie. In dit experiment doen ze dat inhoudelijk allemaal hetzelfde.

Dan is het tijd voor de pauze. 1. Heerlijk buffet, leuk zitje met uitzicht over die mooie omgeving, daarna nog even lekker wandelingetje doen. Of 2: Broodje kaas of broodje jam? Snel naar binnen werken en daarna nog wat mailtjes checken en facebook scrollen.

Het middagprogramma verloopt ongeveer op dezelfde wijze waarbij je ook wat praktische opdrachten krijgt. Daarna sluit de trainer de training formeel af en is het tijd om 1. Eindelijk aan die toffe teamactiviteit te beginnen om daarna stuiterend van energie huiswaarts te keren. 2. Naar huis te tuffen, sloffen aan, tv, dat verhaal.

Zoek de verschillen

Inspiratie. Dat is het verschil. Bij scenario 1 word je vanaf het begin geïnspireerd door de omgeving en de persoonlijkheid van de trainer. Je krijgt energie van de lekkere lunch, verkwikkende wandeling en al helemaal van de toffe teamactiviteit. Zet dit af tegen scenario 2 en je begrijpt hoe impactvol een inspirerende omgeving en trainer zijn.

De moraal van het verhaal: als je gaat trainen om te trainen en zomaar ergens een training boekt vanwege het onderwerp, bespaar jezelf dan de moeite, train gewoon niet. Is jouw doel om echt geïnspireerd te worden en blijvend wat bij te leren, boek dan een trainer waar je energie van krijgt. Iemand die bij jou of jouw team past. Die begrijpt dat inspiratie niet alleen in de lesstof zit, maar zeker ook in alles eromheen.

Ik wil niet zeggen dat je de potentiële trainer eerst eens flink moet knuffelen of drie keer mee uit eten moet nemen om diegene goed te leren kennen. En ik zeg al zeker niet dat inhoud niet van belang is, dat is het zeker wel. Maar als de inhoud goed is, ga dan een kennismakingsgesprek met de trainer aan. Past deze persoon bij je? Is er een klik? Krijg je er energie van? Stelt diegene een mooie trainingslocatie en eventueel leuke activiteit voor? Dan zeg ik: DOEN! En veel plezier met stuiteren.

Artikel delen: